Kunstschilder Louis Baretta 1866 – 1928
Technische fiche
- Uitgever Potvlieghe Ghislain / Mens en Cultuur Uitgevers (verspreiding)
- Plaats uitgave Ninove
- Drukker P.D.B. Printing, Ninove
- ISBN 978-90-77135-23-5
- NUR 641/654
- Pagina's 400
- Illustraties 255 kleurfoto's, 150 zwart/wit foto's
- Afmetingen B210 X H279
- Prijs € 65,00
-
Print-on-demand editie. Uitsluitend te bestellen bij de uitgeverij.
-
Kunstschilder Louis Baretta 1866 – 1928
'Le cri d'un peintre maudit'
-
- Auteur Potvlieghe Ghislain
-
Louis Baretta, zoon van een goudsmid, was een geniaal en fysiek zwaar verminkt kunstschilder die het grootste gedeelte van zijn 62 levensjaren verdoken doorbracht op een onherbergzame zolderverdieping in Brussel, armoedig à la Sint-Franciscus van Assisi. Hij werkte er in de hartstocht van zijn religieus getinte geloof en als bewonderaar van Verhaeren, Baudelaire, Bloy en Beethoven op wie hij steeds zichzelf projecteerde. Hij schiep een oeuvre dat voornamelijk bestaat uit zelfportretten en noemde zich daarbij steevast een mystiek martelaar. Gedurende zijn laatste levensjaren spiegelde hij zich bijna uitsluitend aan de Christusfiguur.
Gevormd in de laatste romantische schildersschool van ‘L’Art Flamand’ in Brussel o.l.v. Jean-François Portaels, ontwikkelde hij zich aanvankelijk via Félicien Rops tot een virtuoos tekenaar en etser. Uniek werd zijn ongemeen rijke kleurenpalet dat, wegens de rossige gloed, al eens aan Ensor zou kunnen herinneren. In 1913 realiseerde hij wellicht een der meest opmerkelijke zelfportretten uit de hele schilderkunst, een monumentaal en furore makend doek dat hij De laatste Verdedigers van Gods Bloed doopte. Het werd door Fernand Khnopff onmiddellijk als een meesterwerk bejubeld. Iets later stelde de Brusselse filosoof en letterkundige R. Simar de schilder op één lijn met Goya en Grünewald.Dank zij zijn leerling Joseph Vuylsteke die een belangrijk gedeelte van Baretta’s oeuvre kon redden, werd in 1937 in Veurne een Barettamuseum geopend. Momenteel wacht het op een revalorisatie.
Deze biografie schreef de auteur aan de hand van originele en nauwelijks toegankelijke documenten en getuigenissen van familieleden en vrienden van de schilder zelf, gegevens die hij overigens dank zij de vele gesprekken die hij met J. Vuylsteke (+1962) heeft gevoerd, tot een geheel kon verwerken. Ook aan deze Vuylsteke wijdde de auteur een biografie (Joseph Vuylsteke 1884-1962. Een biografische schets. In de reeks: ‘Schilders in Veurne. Deel 1. Eigen beheer, 2006, 107 blz.).
